Kwaliteit in Japanse aandelen

De Japanse premier Shinzō Abe lijkt het juiste recept te hebben gevonden voor het aanzwengelen van de economie. Sinds zijn herverkiezing in december 2012, hebben Japanse aandelen het beter gedaan dan wereldwijde aandelen. Naast monetaire verruiming en fiscale stimuli hebben structurele hervormingen bijgedragen aan het succes. Een corporate governance en stewardship code moeten de kwaliteit van het bedrijfsleven bevorderen.

Ronald van Genderen 05 april, 2018 | 10:49

Toen Shinzō Abe in december 2012 voor de tweede maal gekozen was tot premier van Japan, greep hij zijn tweede termijn aan om de economie, die al jarenlang lamgeslagen was, weer op gang te krijgen met ingrijpende maatregelen. Inmiddels staat dit beleid bekend als Abenomics en heeft als doel de economie met 2% per jaar te laten groeien over een periode van 10 jaar.

De drie pijlen van Abenomics zijn montaire verruiming, fiscale stimuli en structurele hervormingen. De eerste twee pijlen zijn veel gebruikte instrumenten, maar zijn niet altijd het meest effectief gebleken, zeker niet in Japan. De structurele hervormingen zijn onderscheidend voor het beleid van Abe en hiermee wil hij het ondernemerschap van het Japanse bedrijfsleven aanzwengelen.

Japanse index verslaat wereld
Tot zover lijkt Abe succes te hebben met zijn beleid. In de vijf jaar voor zijn herverkiezing in december 2012 behaalde de toonaangevende TOPIX index een negatief rendement in euro’s van 1,50% gemiddeld per jaar. Hiermee bleven Japanse aandelen bijvoorbeeld achter bij wereldwijde aandelen, want de MSCI World behaalde over dezelfde periode een rendement van 0,89% gemiddeld per jaar.

Echter, vanaf januari 2013 tot en met eind maart van dit jaar staat de TOPIX op een jaarlijkse plus van 13,50%, terwijl de MSCI World het moet doen met 12,26%.

Twee codes
Onderdeel van de stucturele hervormingen en debet aan het succes van Abenomics zijn een tweetal codes. Allereerst is er de de corporate governance code die in 2015 werd gepubliceerd. De code is gericht op het verbeteren van het ondernemingsbestuur van Japanse bedrijven en richt zich op een aantal in Japan netelige punten, zoals rechten van aandeelhouders, kapitaalbeleid, de deelnemingen die bedrijven in elkaar houden, beschermingsconstructies en diversiteit en structuur van het bestuur. Hoewel de code op vrijwillige basis is, hebben veel bedrijven inmiddels al verbetering getoond op dergelijke punten.

De tweede code is gericht op institutionele beleggers en werd in 2014 geïntroduceerd. De code roept beleggers op om hun fiduciaire verantwoordelijkheden te vervullen, bijvoorbeeld door groei op middellange tot lange termijn van bedrijven te bevorderen onder meer door middel van in contact te treden met bedrijven en te proberen verbeteringen af te dwingen.

Dit alles moet de kwaliteit van het Japanse bedrijfsleven verbeteren. En de eerste maatstaf voor kwaliteit is in dit verband meestal het rendement op het eigen vermogen. Maar daarnaast valt te denken aan een betere kwaliteit van het management, maar ook solide balansbeheer en hogere dividenden en terugkoop van eigen aandelen. Niet zonder reden, want kwaliteitsbedrijven doen het op langere termijn vaak beter dan de brede markt. Zo behaalde de index voor Japanse kwaliteitsbedrijven, de MSCI Japan Quality index over de vijf jaar tot december 2012 een rendement van 0,02% en versloeg daarmee de bredere TOPIX index.

Bovengemiddelde kwaliteit
Hoewel Morningstar agnostisch is ten aanzien van een bepaalde stijl, komen we niet geheel toevallig regelmatig fondsen tegen die bovengemiddeld presteren door te beleggen in kwaliteitsbedrijven. De fondsen die met een positieve Morningstar Analyst Rating worden gewaardeerd, moeten echter zelf ook van bovengemiddelde kwaliteit zijn, aangezien de focus op kwaliteitsbedrijven op zichzelf geen reden is voor een Bronze, Silver of Gold rating.

De fondsen in de onderstaande tabel beleggen daarom niet alleen kwaliteitsbedrijven, zij worden ook beheerd door kundige beheerders die een lange staat van dienst hebben in het beheren van Japanse aandelenportfeuilles en een sterk en bewezen proces toepassen, dat over het algemeen leunt op bottom-up aandelenselectie.

(klik op tabel voor vergroting)

Deze column verscheen ook op Finanzen.nl

 

Lees meer columns van Ronald van Genderen:

- In Rusland geniet actief de voorkeur

Dit zijn de duurzaamste fondsen

Hou de portefeuilles van uw fondsen in de gaten

Wereldwijd vastgoed: actief of passief?

Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz.

Over de auteur Ronald van Genderen

Ronald van Genderen  is fondsanalist bij Morningstar Benelux