Als u verder gaat op deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies op uw apparatuur. Lees meer over ons beleid rond cookies en welk soort cookies wij gebruiken door hier te klikken. Accepteer Cookies

Beleggingsfondsen 2.8 - Een aandelenfondsportefeuille onderzoeken (2)

Beleggers die niet op de hoogte zijn van de voorkeur van het fonds kunnen het fonds als goed of slecht bestempelen zonder echter de oorsprong van die prestaties te begrijpen.

Morningstar 24 juni, 2011 | 18:03

We beschreven de Morningstar Style Box als een “momentopname” van de beleggingsstijl van een fonds. Indien u te weten wenst te komen hoe een fonds belegt, is de Style Box de beste startplaats, maar laat het daar zeker niet bij. Een handvol andere portefeuillestatistieken geeft bijkomende inzichten in afzonderlijke fondsen: informatie over het risico- en rendementspotentieel van een fonds, waar de Style Box met geen woord over rept.

Sectorwegingen
*Zowel het Meridian Value MVALX als het FAM Value FAMVX komen in het vak Mid Cap Gemengd van de Style Box terecht, maar de fondsen hebben erg verschillende voork en. Met 20,7 procent van de portefeuille belegd in consumentengoederen is het Meridian zwaar blootgesteld aan de op- en neergaande bewegingen van deze sector. MFS geeft dan weer de voork  aan financiële waarden. Het verbaast niet dat deze twee fondsen uiteenlopende prestaties laten optekenen.

Dit brengt ons bij een van onze favoriete portefeuillestatistieken: sectorwegingen. Aandelen komen in een van de drie “supersectoren” terecht: informatie, dienstverlening en industrie. Elk van die drie sectoren wordt op zijn b t onderverdeeld in vier sectoren, waardoor het totale aantal sectoren op 12 komt. De supersector “informatie” omvat de sectoren software, hardware, media en telecommunicatie. De supersector “dienstverlening” omvat de sectoren gezondheidszorg, consumentendienstverlening, zakelijke dienstverlening en financiële dienstverlening. De supersector van de industrie tenslotte omvat de sectoren consumentengoederen, industriële metalen, energie en nutsbedrijven. Morningstar berekent de sectorblootstelling van een fonds op basis van het aantal activa van het fonds dat aan elke sector wordt toegewezen. Als u weet hoe zwaar een fonds belegd is in een bepaalde sector, weet u ook hoe kwetsbaar het is voor een neergang van dat gedeelte van de markt of hoeveel sectorrisico het neemt.

Gemiddelde marktkapitalisatie
Zoals gezegd wordt de gemiddelde marktkapitalisatie weergegeven in de berekening van Morningstars Style Box. U dient deze nochtans te bestuderen want het ene small caps-fonds is het andere niet. Sommige zijn wel heel ‘small’.

Beleggers die niet op de hoogte zijn van de voorkeur van het fonds kunnen het fonds als goed of slecht bestempelen zonder echter de oorsprong van die prestaties te begrijpen.

Omgekeerd is ook het ene Large Caps-fonds het andere niet, ‘large’ is een heel relatief begrip!

Koers/Winst- en Koers/Boekwaarde-ratio’s
Koers/winst (k/w)- en koers/boekwaarde(k/b)-ratio’s worden ook vermeld in de Style Box, maar zijn afzonderlijke overwegingen waard. Net als onder de marktkapitalisaties zijn er ook gradaties van prijsmaatstaven. *White Oak Growth WOGSX en *Hussman Strategic Growth HSGFX hebben “growth” (groei) gemeen in hun naam, maar de White Oak's k/w-ratio van 20 is significant hoger dan Gabelli's 13.3. Dit betekent dat White Oak een hoger koersrisico heeft dan Hussman Strategic Growth.

Aantal posities
Het is ook van belang te weten of een fonds in 20 of in 200 aandelen belegt. Je zou verwachten dat een fonds met minder aandelen volatieler uit de hoek komt dan een met honderden namen. Dat is niet altijd zo, maar vaak wel. Net zoals u moet weten welke fondsen een groter gedeelte van hun activa in slechts een of twee sectoren beleggen, dient u ook te weten wanneer een fonds een groot gedeelte van zijn activa toewijst aan een klein aantal posities.

Portefeuilleverloop
Het portefeuilleverloop van een fonds vertegenwoordigt het percentage posities van een fonds dat over het voorbije jaar werd gewijzigd en geeft een idee van hoe lang een beheerder een bepaald aandeel aanhoudt. Fondsaccountants berekenen het portefeuilleverloop van een fonds door de kleinste waarde onder de totale verkoop of totale aankoop (met uitzondering van liquiditeiten) te delen door de gemiddelde maandelijkse activa over het jaar. Deze wiskundige oefening is niet zo moeilijk: Een fonds dat jaarlijks 25 procent van zijn portefeuille verhandelt, houdt een aandeel gemiddeld vier jaar aan.

Ondanks de schijnbare eenvoud, hebben portefeuilleverloopcijfers ook hun onhebbelijkheden. Zo kan een aanzienlijke verandering in de activabasis van het fonds (de noemer van de portefeuilleverloopratio) een verkeerde indruk wekken van de handelsactiviteiten van een fonds. Wijzigt de beheerder het handelstempo niet, dan vermindert het portefeuilleverloop van een fonds wanneer de activa stijgen. Omgekeerd kan een inkrimpende activabasis het portefeuilleverloop van een fonds aandikken.

Het portefeuilleverloop kan u een idee geven van de handelsactiviteit van een beheerder, maar verdiep u niet te ver in het portefeuilleverloop van een fonds, met name bij obligatiefondsen. “Buy and hold”-beheerders hebben doorgaans een lager portefeuilleverloop dan beheerders die handelen op basis van kortetermijnfactoren. In de meeste gevallen houden beheerders met een erg hoog portefeuilleverloop er agressieve strategieën op na. Krijgen we met obligatiefondsen te maken, dan zien we de beheerders vaak kasbeheerstrategieën toepassen, met een verhoogd portefeuilleverloop tot gevolg. Het is niet ongebruikelijk portefeuilleverloop in de orde van 300 procent of meer te zien, zelfs in fondsen die niet uitgesproken agressief zijn.

*Amerikaanse voorbeelden

Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz.

Over de auteur

Morningstar