Vooruitzichten voor de Amerikaanse economie: groei en overheids- en consumentenuitgaven

In 3 etappes loodst Morningstar-econoom Bob Johnson de belegger door verwachtingen voor de Amerikaanse economie. In dit eerste deel de bestedingen van overheid en consument en de groeiprognose.

Robert Johnson, CFA 21 januari, 2013 | 11:21
  • De groei van het Amerikaanse bbp, de consumptie, inflatie en werkgelegenheid zouden in 2013 allemaal met circa 2 procent kunnen groeien.
  • Door de hogere olieproductie, een verbeterende woningmarkt en een sterke markt voor agrarische producten zijn de VS in 2013 een goede keuze binnen een groeistrategie.


Het cijfer twee lijkt centraal te staan in mijn economische vooruitzichten voor 2013. Ik vermoed dat de groei van het reële BBP, de inflatie en de consumptie in 2013 circa 2 procent of iets meer zal bedragen, waarbij de banengroei de rijen sluit met 1,8 procent.

Door de toegenomen productiviteit is de werkgelegenheid bijna altijd voorbestemd om achter te blijven bij de totale economische groei. Met uitzondering van het hogere aantal nieuwbouwwoningen en de lagere werkloosheid lijken de vooruitzichten niet veel te verschillen van de resultaten voor 2012.

In vergelijking met de langetermijngemiddelden liggen de bbp-groei en de consumptiegroei lager dan het gemiddelde, wat ten minste gedeeltelijk is toe te schrijven aan de lagere bevolkingsgroei. Maar in die tragere groei zitten toch enkele positieve nieuwsberichten verscholen. Allereerst houdt de tragere groei de inflatie onder controle, die overigens net onder de helft van het langetermijngemiddelde ligt. En het lijkt erop dat een bescheidener groei hand in hand kan gaan met een langer, duurzamer herstel. Vier van de laatste tien economische herstelperioden (sinds de Tweede Wereldoorlog) duurden minder lang dan deze en in het begin van 2013 worden dat er vijf. Tussen haakjes: het herstel duurt nu bijna 3,5 jaar.



Een langzaam voortschrijdend herstel
Waar de consument een relatief duurzame bijdrage heeft geleverd aan het economisch herstel, hebben de export, de productie en de bedrijfsuitgaven hun ups en downs gekend. Zo heeft de groei van de industriële productie ten opzichte van een jaar eerder bijvoorbeeld zijn piek bereikt op 7,8 procent, maar bedraagt die momenteel een meer bescheiden 3,2 procent. De woningmarkt, normaal het eerste segment waar een herstel wordt aangezwengeld, levert pas nu een duidelijke bijdrage. Hetzelfde geldt voor de industriële bouw. 

Hoewel de overheid met haar uitgaven enkele mooie eerste bijdragen aan het herstel van de economie heeft geleverd, gaat het daarmee sinds medio 2010 allemaal redelijk bergaf en werd er sindsdien slechts één kwartaal van groei van overheidsuitgaven opgetekend (derde kwartaal van 2012). Deze bijna ongeëvenaarde tendens oefent meer druk uit op de economie dan velen vermoeden. Sinds de afbouw van de oorlogsmachine na de Tweede Wereldoorlog en de Koreaanse oorlogsinspanning in de jaren 1950, zijn de overheidsuitgaven nooit zo snel gedaald als bij de val van 4 procent ten opzichte van een jaar eerder die medio 2011 werd waargenomen.

Woningmarkt: de doorslaggevende factor voor verandering in 2013
Het lijkt erop dat de groeimotoren achter het herstel in 2013 weer zullen veranderen. Hoewel de woningmarkt in 2012 aan een duidelijke ommekeer kende, waren de effecten relatief beperkt. Hoewel de directe woning¬investeringen in 2013 een betekenisvolle bijdrage zullen leveren, zal ook de invloed van enkele bijkomende goederen en diensten in relatie tot de woningmarkt uiteindelijk merkbaar worden. Ik heb het over bijvoorbeeld de hypotheekmakelaars, meubelverkopen en kosten voor verbouwingsprojecten. Die hebben wellicht meer tijd nodig hebben om te herstellen dan de nieuwbouwwoningen, die zich al lang niet meer in de beginfase bevinden.

Consumentenuitgaven stabiel tot enigszins hoger in 2013
De consument is één aspect dat niet erg verandert. Dat is zowel goed als slecht nieuws. De consument vertegenwoordigt circa 70 procent van de Amerikaanse economie. Daardoor is het voor de totale economische activiteit moeilijk om trager te evolueren dan de consument, maar ook is het lastig om sneller te groeien.

Het nieuws voor de consument is in 2012 verrassend goed geweest en zou er in 2013 tenminste iets beter kunnen uitzien. Goed nieuws voor de consument zijn onder meer de trage maar gestage banengroei, de stabiele inflatie, de toenemende financiële activa, en een mooi verbeterende vastgoedmarkt. Negatief is dan weer dat de werkloosheid hoog blijft en dat we alle banen die tijdens de recessie verloren zijn gegaan, nog steeds niet hebben gerecupereerd.

De belastingen op federaal niveau zullen in 2013 hoger zijn, vooral voor mensen met een hoog inkomen. Hoewel mijn globale groeipercentage voor de consumptie-uitgaven van 2 procent in 2013 hoger is dan in 2012, vermoed ik dat mensen met een lager inkomen en vooral de middenklasse het in 2013 beter zullen doen dan mensen met een hoog inkomen. Door de hogere belastingen en mogelijk kleinere kapitaalwinsten in 2013 kan de stemming onder grootverdieners negatiever worden. Mensen met een gemiddeld inkomen zullen wellicht meer profiteren van de stijgende woningprijzen (die ze nu kunnen herfinancieren).


Lees ook de verwachtingen voor de inflatie en werkgelegenheid in de Verenigde Staten.

Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz.

Over de auteur

Robert Johnson, CFA  Robert Johnson, CFA, is director of economic analysis with Morningstar.