Fondsen met hoge kosten

Kosten zijn een van de makkelijkste factoren om te beheersen voor fondsbeleggers. Wat het rendement gaat zijn van een beleggingsfonds is onzeker, maar je weet van tevoren wel wat je voor een beleggingsfonds betaalt. Morningstar heeft een sterke voorkeur voor fondsen die schappelijke kosten rekenen, maar er zijn ook fondsen die de analisten als bovengemiddeld presterend beschouwen, ondanks hun hoge kosten. De kwaliteit van het beleggingsteam en het beleggingsproces stelt deze fondsen in staat om de kostenhorde te nemen en outperformance te realiseren.

Jeffrey Schumacher, CFA 30 juli, 2019 | 9:44
Facebook Twitter LinkedIn

Echter, deze fondsen vormen wel de uitzondering, want de hoogte van de kosten blijft een van de krachtigste voorspellers van de toekomstige langetermijn prestaties: per saldo presteren goedkope fondsen beter.

Kosten bepalen de toekomst
Het kostenniveau van een beleggingsfonds is van doorslaggevend belang voor het behalen van een goed rendement. De kosten van een fonds gaan immers direct ten laste van het rendement en vormen daarmee een horde voor een fondsbeheerder. Het spreekt voor zich dat lage kosten het gemakkelijker maken om die horde te nemen dan wanneer het fonds tot de duurdere opties behoort.

De kosten die ten laste gaan van het rendement, bestaan voor een belangrijk gedeelte uit de beheervergoeding. Daarnaast zijn er nog andere kostenposten zoals de kosten voor het prospectus, de accountant en bewaarloon. Deze kosten worden gezamenlijk uitgedrukt in de lopende kosten ratio. De hoogte van deze vergoeding kan binnen dezelfde type fondsen flink verschillen.

Zo bedragen de jaarlijkse lopende kosten van het Kempen Global High Dividend Fund 0,73%, terwijl BlackRock voor het BGF Global Equity Income Fund per jaar 1,07% in rekening brengt. Die 0,34 procent verschil per jaar lijkt verwaarloosbaar, maar het rente-op-rente effect zorgt ervoor dat dit verschil aanzienlijk wordt op de langere termijn.

Het belang van kosten is iets dat Morningstar in diverse onderzoeken heeft aangetoond. Het is ook een factor die de matige prestaties van veel actieve fondsen verklaart. Het kostenniveau van veel actief beheerde beleggingsfondsen is namelijk te hoog ten opzichte van het bruto rendement dat het fonds realiseert ten opzichte van zijn benchmark. Hiermee bedoel ik dat er genoeg fondsen zijn die vóór kosten hun benchmark verslaan, maar dermate hoge kosten rekenen dat de outperformance vóór kosten omslaat naar underperformance na kosten.

Kosten nadrukkelijker meegenomen in Morningstar Analyst Rating
De grote invloed van kosten op de uiteindelijke netto prestaties van een beleggingsfonds wordt ook nadrukkelijk meegenomen in de vernieuwde Morningstar Analyst Rating, die per eind oktober wordt gelanceerd. Momenteel wordt een Morningstar Analyst Rating afgegeven op fondsniveau, waarbij de kosten een van de vijf pijlers vormen in de kwalitatieve analyse. In het nieuwe raamwerk nemen we kosten op een andere, directere manier mee: we trekken de kosten per fondsklasse af van de geschatte bruto alpha potentie van een beleggingsfonds.

Dit betekent dat de Morningstar Analyst Ratings niet langer op fondsniveau worden toegekend, maar op fondsklasse niveau. Voorheen kenden we één Morningstar Analyst Rating toe die voor alle fondsklassen hetzelfde was, ongeacht het verschil in kosten tussen deze klassen. In de nieuwe methodiek wordt het kostenniveau bepalend voor de Morningstar Analyst Rating, waarmee kostenverschillen tot uitdrukking komen in de rating.

Dat betekent dus dat een beleggingsfonds verschillende Morningstar Analyst Ratings kan krijgen voor de range aan fondsklassen die het fondshuis voert, afhankelijk van het kostenniveau dat per fondsklasse wordt berekend, vergelijkbaar met hoe dit ook van toepassing is op de Morningstar Rating (sterrenrating).

Door de kosten op deze manier in het raamwerk te integreren, brengen we het kostenniveau direct in relatie met de verwachte bruto alpha potentie die een strategie heeft, zodat we het netto alpha potentieel op fondsklasse niveau kunnen bepalen. Wanneer de kosten voor bepaalde fondsklassen van een strategie te hoog zijn in relatie tot het verwachte bruto alpha potentieel, dan komen die fondsklassen niet meer in aanmerking voor een positieve Morningstar Analyst Rating.

De uitzonderingen
Er zijn echter beleggingsfondsen die een dermate getalenteerd beleggingsteam en uitstekend functionerend beleggingsproces hebben, dat ze in staat zijn om de bovengemiddelde kosten die ze in rekening brengen te overwinnen. Dit zijn twee voorbeelden.

Add Value Fund N.V.
Dit fonds wordt beheerd door het capabele en stabiele team bestaande uit Willem Burgers, Hilco Wiersma en sinds januari 2018 Bastiaan Rogmans. Burgers is een zeer ervaren beheerder, met veel expertise binnen Nederlandse smallcaps. Evenals Burgers bezit Wiersma veel kennis over de bedrijven in het universum. Per januari 2018 ontvangen zij ondersteuning van analist Bastiaan Rogmans.

Het trio belegt via een bewezen puur bottom-up proces met een focus op de middellange termijn. De portefeuille is zeer geconcentreerd, zowel in aantal aandelen als op industrieniveau, en heeft posities in minder liquide aandelen. Het fonds kent een sterk lange termijn track record, maar wel met een volatiel verloop.

Ondanks een aanpassing van de kostenstructuur blijven we de kosten van het fonds een negatief punt vinden. De lopende kosten van 1,94% over 2018 zijn in absolute en relatieve zin hoog en kunnen nog hoger uitvallen door, een in onze ogen niet goed gestructureerde, prestatievergoeding. Desondanks verdient dit fonds, dankzij het capabele en stabiele beheerteam, het bewezen proces en het sterke lange termijn track record, onze Bronze rating.

Russian Prosperity Fund
Dit fonds heeft veel sterke punten, waaronder een goed uitgerust en ervaren team. De beleggingsbeslissingen worden genomen door Prosperity Capital, wat naar onze mening een van de sterkste huizen is voor Russische aandelen. Het team bestaat uit tien sectorspecialisten die hun vaardigheden ruimschoots hebben bewezen.

We zijn daarnaast ook overtuigd van het grondige, research gedreven beleggingsproces. De langetermijn focus in combinatie met een benchmark agnostische aanpak en een private equity achtige manier van beleggen maakt de strategie onderscheidend. Het fonds heeft een indrukwekkend track record gerealiseerd, ondanks de hoge kosten. Met lopende kosten van 2,88% per 2019 behoort het fonds tot de duurste in de categorie. Dat weerhoudt ons er echter niet van om het fonds een Silver rating toe te kennen.

 

Lees ook eerdere columns van Jeffrey Schumacher:

- Twee potentieel bovengemiddelde fondsen die beleggers nog niet kennen

Wordt de value-belegger met uitsterven bedreigd?

Dit zijn 10 eigenschappen van een goed beleggingsfonds

Facebook Twitter LinkedIn

Over de auteur

Jeffrey Schumacher, CFA  is fondsanalist bij Morningstar Benelux

© Copyright 2024 Morningstar, Inc. Alle rechten voorbehouden.

Voorwaarden        Privacybeleid        Cookie Settings        Beleidsdocumenten