Lage kosten zijn de slimste belegging

Controleren wat u controleren kunt: betaal niet te veel, zo houdt u meer over aan het eind

Ben Johnson 08 februari, 2010 | 11:58
Facebook Twitter LinkedIn

Neem het roer in handen
Als belegger had u niets kunnen doen om de dotcom bubbel van de jaren '90 of de val van Lehman Brothers te voorkomen. De baisses en heroplevingen van de aandelenmarkten die erop volgden, vielen totaal buiten uw controle (u kon in het beste geval tabletjes nemen om de gevolgen voor uw maag te beperken). Maar hoewel u de gebeurtenissen die de beurzen in de toekomst zullen beïnvloeden evenmin kunt controleren als die beurzen zelf, kunt u wel iets doen aan de prijs die u betaalt om op die markten te beleggen. Het minimaliseren van de kosten blijkt zelfs een van de efficiëntste manieren om op langere termijn beter te presteren dan het gemiddelde fonds. En het mooie is dat u meer controle over de kosten hebt dan over elk ander aspect van het beleggen. 

De kostenstructuur bij vermogensbeheer vloekt met elke conventionele economische logica. Van een Ferrari mag u verwachten dat hij beter presteert dan een Peugeot, maar een duurder fonds hoeft het niet beter te doen dan een goedkoper. Als u twee beleggingsmogelijkheden hebt, de ene met een jaarlijkse kostenratio van 1,5% en de ander met 0,25%, weet u slechts een ding zeker: u zult 1,25 procentpunt meer betalen als u in de eerste optie belegt. Vrijwel elke studie van beleggingsfondsen die wij hebben gezien, toont aan dat fondsen die meer kosten aanrekenen meestal minder goed presteren dan fondsen met lagere kosten. De kostenratio van een fonds blijkt zelfs de beste voorspeller van zijn toekomstige prestaties, beter dan de prestaties in het verleden en zelfs beter dan de Morningstar sterrenrating (hoewel het gebruik van lage kosten samen met onze sterrenrating een sterke combinatie geeft). De fondsen met de laagste kosten hebben altijd beter gepresteerd dan hun duurdere collega's. De aard van de beleggingen - aandelen of vastrentende waarden, kleine of grote kapitalisaties - en de geografie maken daarbij geen enkel verschil.

ETFs zijn de top als het op lage kosten aankomt
Een van de aantrekkelijkste kenmerken van Exchange-Traded Funds (ETFs) is hun lage kostenratio. De gemiddelde totale kostenratio (TKR) van een Europese ETF dat belegt in aandelen is 0,37%, dus minder dan de helft van de jaarlijkse kosten van het gemiddelde indexfonds dat aandelen aanhoudt (0,87%), en ongeveer een vijfde van de kosten van het gemiddelde actief beheerde aandelenbeleggingsfonds (1,75%). De kostenverschillen zijn al op het eerste gezicht de moeite waard. Op lange termijn worden ze dat nog veel meer. Laten we deze drie gemiddelden gebruiken om de voordelen van lage kosten op een grote tijdshorizon te bekijken.

Veronderstel dat we €10.000 beleggen in drie afzonderlijke beleggingsinstrumenten: een ETF met een gemiddelde totale kostenratio van 0,37%, een indexfonds met een gemiddelde kostenratio van 0,87% en een actief beheerd beleggingsfonds dat een gemiddelde kostenratio van 1,75% aanrekent. Om het eenvoudig te houden, negeren we voorlopig de transactiekosten (commissielonen, verkoopkosten enz.) en de belastingen. We gaan er bovendien van uit dat elke portefeuille in de tien volgende jaren een identiek jaarrendement van 8% voor aftrek van de kosten opbrengt. Op het einde van het decennium zal de waarde van de ETF-portefeuille gegroeid zijn tot €20,861. De portefeuille van het indexfonds (€19.912) zal 4,5% minder waard zijn dan die van het ETF. En het actief beheerde beleggingsfonds ( €18.335) zal 12% minder waard zijn dan het ETF.

Deze kloof tussen de rendementen als gevolg van de kostenverschillen zal met de tijd nog groter worden. Met dezelfde aannamen voor het rendement en de kosten, zal de totale waarde van het ETF, het indexfonds en het actief beheerde beleggingsfonds na dertig jaar respectievelijk €90.782, €78.947 en €61.641 bedragen! Na die drie decennia is het duurdere actief beheerde fonds, ook al boekt het een identiek rendement voor de aftrek van de kosten, een indrukwekkende 32% minder waard dan de goedkope ETF-portefeuille.

Het is dus vanzelfsprekend dat enige vorm van kostenbeheersing wonderen kan doen om het rendement te verbeteren. Aangezien de actiefste beheerders geneigd zijn om op langere termijn onder hun benchmark te presteren, is het volgen van een indexrendement door middel van een goedkope ETF nog aantrekkelijker voor beleggers die ver vooruit kijken. 

Welke opties heb ik?
Er zijn momenteel meer dan 1.000 ETFs waaruit beleggers kunnen kiezen. Laten we dus kijken welke de interessantste zijn voor beleggers die een ruime blootstelling aan aandelen willen, met lage kosten als belangrijkste criterium voor de selectie. Dit zijn enkele van de goedkoopste opties op het menu van de ETFs in aandelen: 

db-xtrackers DJ Euro STOXX 50 ETF
Met een totale kostenratio van 0% is het db-xtrackers DJ Euro STOXX 50 ETF de kampioen van de lage beheerskosten. Deze brede barometer van de Europese aandelenbeurzen gebruikt swapcontracten van Deutsche om het rendement van de DJ Euro STOXX 50 index te evenaren, wat de traders van Deutsche Bank meer flexibiliteit geeft om geld te verdienen met de beleggingen van hun fonds en de winst met de aandeelhouders van de ETF te delen. Het gebruik van swapcontracten stelt de aandeelhouders van de ETF bloot aan het risico dat Deutsche Bank niet in staat zou kunnen zijn om het beloofde indexrendement te leveren, hoewel het fonds meestal zelfs meer dan zijn waarde in onderpand houdt om dergelijke omstandigheden te voorkomen. Maar we zullen hier niet te ver op ingaan: de op swaps gebaseerde ETFs zijn een belangrijk thema waaraan we in de toekomst ongetwijfeld meer aandacht zullen besteden.

De index zelf is met een toewijzing van 32% zwaar gewogen in de financiële ondernemingen, met Banco Santander, BNP Paribas, en BBVA bij de tien grootste componenten. Het fonds wordt genoteerd op de Mercado Continuo Italia, Euronext Paris, Swiss Exchange, London Stock Exchange SETS en de Deutsche Börse. 

iShares FTSE 100
iShares FTSE 100 ETF heeft niet de allerlaagste kosten van de fondsen die deze brede benchmark van aandelen van het Verenigd Koninkrijk volgen (zijn huidige TKR is 0,40%, terwijl een aantal concurrenten een TKR van 0,30% hebben). Maar het is wel het grootste en actiefst verhandelde van de club. Klassieke voordelen van een groter fonds met een betere liquiditeit zijn lagere verborgen transactiekosten, die een grotere rol kunnen spelen dan kleine verschillen tussen TKR's (in een volgend artikel zullen we dieper ingaan op de transactiekosten). De FTSE heeft een zware weging in financiële waarden en grondstoffen. Financiële aandelen, grondstoffen, olie en gas vertegenwoordigen bijna 56% van de index. Het fonds wordt genoteerd op de London Stock Exchange, Borsa Italiana, NYSE Euronext Amsterdam en Chi-X.

iShares AEX
iShares AEX heeft een TKR van  0,30% - op gelijke hoogte met zijn concurrenten. Maar net als iShares FTSE 100, is iShares AEX veel groter dan zijn rivalen en wordt het veel drukker verhandeld. De AEX heeft een grote blootstelling aan consumptiegoederen (ongeveer 25%), vooral omdat Unilever een weging van een goede 14% in de index heeft. Grondstoffenvoorraden zijn de tweede grootse component, met ongeveer 19%, vooral dankzij een aandeel van plusminus 13% van Arcelor Mittal. Het fonds wordt genoteerd op NYSE Euronext Amsterdam, de London Stock Exchange en Chi-X.

Facebook Twitter LinkedIn

Over de auteur

Ben Johnson  Ben Johnson is Morningstar’s Director of European ETF Research.

© Copyright 2022 Morningstar, Inc. Alle rechten voorbehouden.

Voorwaarden        Privacybeleid        Cookie Settings