Als u verder gaat op deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies op uw apparatuur. Lees meer over ons beleid rond cookies en welk soort cookies wij gebruiken door hier te klikken. Accepteer Cookies

Beleggers worden wakker en beleggen steeds meer in ETFs

Morningstar kijkt naar de ontwikkelingen in ETF-land in 2014 en geeft zijn verwachtingen voor 2015. ETFs zullen meer geld van beleggers blijven aantrekken. Voor smart beta of strategic beta breken er mooie tijden aan. En gaan ETFs net als in de VS de standaardbeleggingsoptie worden? 

Jose Garcia-Zarate 20 januari, 2015 | 16:54

Er bestaat geen twijfel: 2014 was voor Europese ETFs een uitstekend jaar. Volgens berekeningen van Morningstar bedroegen de nettokapitaalstromen over het volledige kalenderjaar EUR 43,2 miljard. Dat was een enorme verbetering tegenover de schamele EUR 10,3 miljard aan netto-instroom die in 2013 werd geregistreerd. Alleen 2008 deed het beter met EUR 51 miljard. Als daarbovenop de kapitaalgroei in aanmerking wordt genomen, dan is het totale beheerde vermogen in in Europa gevestigde ETFs in 2013 met 26 procent op jaarbasis gestegen van EUR 301 miljard tot EUR 380 miljard.

ETFs legden in 2014 een uitstekend parcours af in een klimaat van een wereldwijde stijgende, maar volatiele aandelenmarkten en een aanhoudende steun van het monetaire beleid voor vastrentende activa. Volgens de gangbare opvattingen zou het in deze marktomstandigheden voor actieve beheerders gemakkelijker moeten zijn geweest om kansen te benutten, rendement te genereren en hun benchmarks te overtreffen.

De werkelijkheid was echter anders. Uit bepaalde sectorberekeningen bleek dat 75 procent van de managers van actief beheerde Europese aandelenfondsen er niet in slaagde om deze basisdoelstelling in 2014 te verwezenlijken. De boodschap dat actieve fondsbeheerders die consequent goede prestaties leveren schaars zijn, dringt langzaam maar zeker door tot de Europese beleggersgemeenschap.

Hoezo rotatie?
Wat de favoriete activaklassen betreft, blijkt uit de analyse van de gegevens dat 60 procent van de netto-instromen in 2014 naar aandelen-ETFs zijn gevloeid en de resterende 40 procent naar vastrentende ETFs. Voor andere activaklassen, zoals grondstoffen of alternatieve beleggingen – die Morningstar definieert als producten die shortposities of hefboomwerking inhouden en als valutaproducten – lagen de vastgestelde nettokapitaalstromen over het jaar slechts licht boven of onder nul.

Die respectievelijke 60/40-verdeling voor aandelen- en vastrentende ETFs vertelt dat de veel voorspelde rotatie uit obligaties niet heeft plaatsgevonden. Niettemin hebben vastrentende ETFs in 2014 wellicht sterk geprofiteerd van geld dat uit bestaande actief beheerde posities werd gehaald, en niet zozeer van beleggingen met nieuw geld. Er zijn overigens sporadische aanwijzingen dat grote kopers van vastrentende producten zoals pensioenfondsen in Europa hun passieve posities hebben uitgebreid.

Als wordt gekeken naar specifieke categorieën binnen de brede klassen van de aandelen en de vastrentende producten, vielen vooral posities in Amerikaanse largecaps en bedrijfsobligaties in de smaak. Dat blijkt bijvoorbeeld ook uit het overzicht met de populairste ETFs in 2014 waar veel Amerikaanse aandelen-ETFs in terug zijn te vinden.
Beleggen om mee te profiteren van het economische succes van de Amerikaanse economie is de laatste zes jaar een uiterst rendabele investering gebleken. De S&P 500 TR-index is in 2014 met 13,7 procent op jaarbasis gestegen (uitgedrukt in USD). Daarbovenop profiteerden Europese beleggers van de waardestijging van de USD. Het is dan ook nauwelijks een verrassing dat Vanguard S&P 500 en iShares Core S&P 500 in 2014 de populairste ETFs in Europa zijn, die elk netto-instromen van ruim EUR 5 miljard genereren.

Kosten, kosten en 'minder' kosten
2014 Was het jaar waarin de 'prijzenoorlog' op de markt voor Europese ETFs nog heviger woedde. Veel aanbieders van ETFs besloten om voor hun populairste ETFs de kosten te verlagen. Morningstar kan deze ontwikkeling alleen maar toejuichen. Het enige dat beleggers niet mogen vergeten, is dat de kosten – de enige factor die bij beleggingen vooraf vaststaat – de meest betrouwbare voorspeller van het toekomstige rendement van een fonds vertegenwoordigen.

Kosten besparen alleen volstaat echter niet als beleggers niet overschakelen op meer voordelige alternatieven op de markt. Maar steeds vaker blijkt dat dit wel degelijk gebeurt. ETF-aanbieders die uiterst lage kosten berekenen, zoals Vanguard, hebben daar mooi van geprofiteerd. Hoewel het fondshuis in Europa slechts een beperkt aantal producten aanbiedt, heeft het in 2014 EUR 8 miljard aan netto-instromen gegenereerd. In de ranglijst van ETP-providers deed alleen iShares het beter, met EUR 13,3 miljard. Hierdoor slaagde Vanguard erin om zijn marktaandeel te verdriedubbelen, van amper 1 procent in 2013 naar 3,3 procent in 2014.

Misschien nog interessanter is dat aan bepaalde beleggers hogere kosten werden berekend dan aan andere, door dezelfde ETF-aanbieder nota bene. Sommige providers zoals iShares verlaagden de kosten bijvoorbeeld alleen voor de kapitalisatieversie van populaire aandelen-ETFs (bijvoorbeeld S&P 500, FTSE 100, Euro Stoxx 50), doopten ze om tot 'core' en behielden voor de dividenduitkerende versie het oorspronkelijke, veel hogere kostenniveau. Beleggers reageerden op dit verschil in kosten door over te stappen van de duurdere versie op de goedkopere.

Het jaar van de strategische bèta
2014 Was ook 'het jaar van de strategische bèta' - zo noemt Morningstar wat in de media beter bekend staat als 'smart beta'. Volgens onze berekeningen die gebaseerd zijn op ons interne categorisatiesysteem van deze markt, verzamelden strategic-beta-ETFs in 2014 netto-instromen van EUR 3,9 miljard, een stijging tegenover de EUR 3,3 miljard in 2013. Het beheerd vermogen steeg inmiddels tot net geen EUR 22,5 miljard, tegenover EUR 15,1 miljard in 2013. Gezien deze cijfers, in verhouding tot de globale ETF-markt, vragen we ons terecht af wat het probleem is. We kunnen stellen dat het probleem alles te maken heeft met de groeiverwachtingen voor het segment.

Dat passieve beleggingen steeds populairder worden, gaat immers hand in hand met grondiger onderzoek naar de voor- en nadelen van de standaardbenchmarks die door de sector worden gebruikt. Strategische bèta is niet bepaald een nieuw concept. Wat wel nieuw is, is dat deze strategieën veel gemakkelijker in benchmarkvorm kunnen worden geleverd, klaar voor gebruik door passieve fondsen zoals ETFs. Als we kunnen afgaan op trends in de VS, waar nieuwe ontwikkelingen in de ETF-wereld gewoonlijk ontstaan, dan breken er de volgende jaren mooie tijden aan voor Europese strategic-beta-ETFs.

Nieuwe posities, nieuwe vormen
Veel nieuwe ETFs die in 2014 op de markt zijn gekomen, waren strategic-beta-ETFs. Maar niet allemaal. Volgens Morningstars informatie zijn er vorig jaar 204 nieuwe ETF-producten geïntroduceerd. Vermeldenswaardige ontwikkelingen voor aandelen waren onder meer posities in specifieke sectoren of met valuta-afdekking. Ook werd de markt overspoeld met ETFs die Europese beleggers op eenvoudige wijze toegang boden tot de markt van de Chinese A-aandelen en andere nicheposities, zoals een ETF dat toegang bood tot de sector van de robotica en de automatisering.

Wat het vastrentende segment betreft, moeten we misschien wijzen op het grotere aanbod van obligaties uit opkomende markten. Twee van deze nieuwe ETFs, namelijk Ashmore Source – dat een blootstelling biedt aan staats- en bedrijfsobligaties uit opkomende markten – zijn ons opgevallen omdat zij aandelenklassen zijn van bestaande actief beheerde beleggingsfondsen. Deze structuur is niet ongebruikelijk op de Amerikaanse ETF-markt, maar is wel nieuw in Europa.

De verwachtingen voor 2015 en daarna
Morningstar verwacht dat de sector van de Europese ETFs – en van de passieve fondsen in het algemeen – de komende jaren zal blijven groeien. Als we mogen afgaan op de tendensen die in de VS worden waargenomen, dan is de opmars van passieve fondsen niet te stuiten. Periodevergelijkingen tussen de VS en Europa zijn altijd lastig. De twee markten vormen niet alleen structureel een aparte wereld (bijvoorbeeld een eenheidsmarkt tegenover veel verschillende nationale realiteiten), maar er heerst ook een groot verschil in het collectieve denkbeeld over beleggen. Ondanks alle verschillen vinden we het een goede zaak dat passieve fondsen voor de Amerikaanse belegger kennelijk de standaardbeleggingsoptie zijn geworden.

Er zijn duidelijk veranderingen nodig in de distributienetwerken die de groei van passieve fondsen in Europa beperken. Cruciaal op dit vlak zijn de werkzaamheden van de regelgevende instanties, die in alle eerlijkheid steeds proactiever te werk gaan om de belangen van de beleggers te verdedigen. Maar uiteindelijk is het de verantwoordelijkheid van de Europese beleggers om eens naar hun Amerikaanse evenknieën te kijken en eerlijk de vraag te stellen of actieve fondsbeheerders de hoge kosten die zij aanrekenen echt wel waard zijn. Is dit niet het geval – en dat is zo in 80 procent van de gevallen – dan is het tijd om hen aan de kant te zetten en te kiezen voor een voordelige passieve optie.


Lees artikelen over ETFs in Morningstars ETF-Bibliotheek.

Lees ook deze artikelen over smart beta of strategic beta:
Wat is 'smart beta' nou eigenlijk?

Intelligentietest voor smart beta-strategieën

Een verstandige benadering van 'smart beta'


Meer informatie over de markt van de strategic-beta-ETFs, waaronder een uitgebreide verklaring over het categorisatiesysteem van Morningstar, leest u in Morningstar ontwikkelt classificatiesysteem voor strategic beta ETFs.

Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz.

Over de auteur

Jose Garcia-Zarate  is an ETF analyst with Morningstar UK.