Modelmatig beleggen. De heilige graal?

LEREN BELEGGEN - Beleggers zijn op zoek naar rendement. Maar vaak zijn ze zelf het grootste obstakel in het behalen van het zo gewenste rendement.

Peter Siks, 25 november, 2011 | 16:25
Facebook Twitter LinkedIn

Van tijd tot tijd selecteert Morningstar opinies, onderzoek en analyses van externe partijen onder de kop 'Voor u geselecteerd'. Deze artikelen helpen beleggers betere beleggingsbeslissingen te maken. In dit artikel gaat Peter Siks, beleggingstrainer bij vermogensbeheerder Alex, in op modelmatig beleggen om niet in een aantal psycholigische valkuilen bij beleggen te stappen.

Dat beleggers hun gewenste rendement niet halen wordt vooral veroorzaakt door een aantal psychologische valkuilen. De meeste beleggers vallen hier keer op keer in: slecht verlies kunnen nemen, zelfoverschatting van eigen kunnen, selectief geheugen en beperkte mogelijkheid om alle informatie evenwichtig te beoordelen. Dit heeft ertoe geleid dat een aantal beleggers op zoek is gegaan naar een manier om deze, vooral psychologische, obstakels te vermijden. Zij streefden naar een planmatige aanpak en hiermee was het begin van modelmatig beleggen was een feit.

Aanhangers van modelmatig beleggen baseren hun aan- en verkoopbeslissingen op basis van kwantitatieve modellen. De gebruikte modellen berekenen, op basis van vooraf bepaalde parameters, hoeveel geïnvesteerd wordt en waarin. Het model geeft dus aan wanneer er gekocht dan wel verkocht moet worden. Op deze manier schakelen modelmatige beleggers emotie uit tijdens het handles- en beslissingsproces. De introductie van de computer heeft hier natuurlijk een belangrijke rol bij gespeeld.

Modelmatig beleggen kenmerkt zich dus door het werken volgens een vaste aanpak. Hierbij staan rationaliteit, discipline en risicomanagement centraal. Modelmatig beleggen is echter niet statisch; er wordt continu gewerkt aan het verbeteren van het model waarmee men in de markt opereert.

Een voorbeeld
Hoe zou een modelmatige aanpak er op hoofdlijnen uit kunnen zien? Bij de hieronder geschetste modelmatige aanpak wordt er belegd in de volgende asset classes (beleggingscategorieën) : aandelen, staatsobligaties en geldmarktfondsen. De volgende (fictieve) ingrediënten gelden:

Aandelen

  • Het model is gericht op stijging dus er wordt alleen gekocht; dit model handelt niet vanuit de short
  • Alle aandelen dienen een marktkapitalisatie te hebben van minimaal € 5 miljard
  • Er wordt niet gewerkt met derivaten zoals opties, futures of sprinters/turbo’s

Obligaties

  • Volgens dit model mag er alleen belegd worden in obligaties van de 3 meest kredietwaardige overheden van de eurozone (waaronder Duitsland en Nederland)
  • De looptijd van de obligaties mag niet langer zijn dan drie jaar

Geldmarktfondsen

  • Alleen in de grootste geldmarktfondsen mag geld geïnvesteerd worden.

Verdeling  

  • Maximaal 70% in aandelen
  • Maximaal 40% in obligaties
  • Altijd een cash positie (in de vorm van een investering in geldmarktfondsen) van 10%

Stel nu dat bovenstaande de uitgangspunten zijn van een modelmatige aanpak. Met deze ‘ingrediënten’ zullen de computers aan de slag gaan om de meest optimale verhouding te zoeken. In eerste instantie door middel van backtesten.

Bij backtesten wordt de strategie fictief toegepast binnen een bepaalde periode, geoptimaliseerd en vervolgens toegepast op een andere periode. Zo wordt er gezocht naar de meest optimale aanpak die werkt in verschillende soorten markten.

Nadelen
Het klinkt als dé manier om te beleggen. Helaas is de werkelijkheid weerbarstiger want er zijn ook nadelen verbonden aan modelmatig beleggen. De modellen zijn per definitie een versimpeling van de werkelijkheid. Hierdoor neemt het model niet alle mogelijke invloeden mee. Bovendien zijn de modellen gebaseerd op relaties en marktgedrag uit het verleden. Men gaat er dus vanuit dat het marktgedrag in de toekomst soortgelijke karakteristieken vertoont. Dit hoeft uiteraard niet het geval te zijn.

Hoe past dit in de portefeuille?
Beleggingsfondsen die modelmatig beleggen zijn uiteraard niet allemaal over 1 kam te scheren. Een aantal concentreert zich op alleen aandelen, de ander juist op de obligatiemarkt en een ander modelmatig beleggingsfonds kiest juist voor een mix van verschillende asset classes.

Afhankelijk van het risico dient u de keus te maken welk fonds u opneemt in uw portefeuille. Kijk hierbij naar het trackrecord over langere periode en vooral ook of daar grote swings in zitten. Een fonds met het ene jaar + 15% maar het volgende jaar – 15% kan over de looptijd van 5 jaar prima een goed positief resultaat behaald hebben maar is desondanks te bestempelen als risicovol.

Beleggingsfondsen die modelmatig beleggen en dit doen met een stabiel rendement passen uitstekend in uw basisportefeuille. Zie de beweeglijker modelmatige beleggingsfondsen als een offensieve aanvulling hierop.

Een aantal voorbeelden van beleggingsfondsen die werken volgens een modelmatige aanpak: Dexia, LCF Rothchild, Man en Schroder.


Disclaimer - Deze rubriek bevat artikelen geschreven door externe partijen. Meningen en visies in deze artikelen zijn die van de externe partij en niet van Morningstar. Morningstar is op geen enkele wijze verantwoordelijk voor de inhoud.

Facebook Twitter LinkedIn

Over de auteur

 

© Copyright 2022 Morningstar, Inc. Alle rechten voorbehouden.

Voorwaarden        Privacybeleid        Cookie Settings