Dividendaandelen selecteren met Morningstar

Een rentestijging hoeft niet slecht uit te pakken voor dividendaandelen, stelt Morningstars dividendspecialist Josh Peters. Hij geeft tips voor het selecteren van dividendaandelen en presenteert 14 aantrekkelijke Europese dividendaandelen.

Maarten van der Pas 09 juli, 2015 | 11:54

Door de lage rente waren dividendaandelen de laatste jaren erg in trek onder beleggers. Het dividendrendement was hoger dan de spaarrente en het rendement op obligaties. Maar dat de historisch lage rente gaat stijgen, daar is iedereen het wel over eens. De algemene verwachting onder economen en marktvorsers is dat de Amerikaanse centrale bank Fed in september de kortetermijnrente met een kwart procentpunt zal verhogen. In Europa zal de rente naar verwachting nog ongewijzigd laag blijven.

Als de rente gaat stijgen krijgen dividendaandelen vaak een klap. Met een hogere rente worden obligaties en sparen weer aantrekkelijker. En een hogere rente betekent voor bedrijven met schulden dat de rentekosten stijgen en er misschien minder geld over blijft voor dividend.

Maar er is ook een keerzijde: de rente wordt verhoogd als het economisch klimaat is verbeterd. Ondernemingen kunnen profiteren van de sterkere economie, hogere winsten boeken en hun dividend op peil houden of laten groeien. Wat moeten dividendbeleggers doen? Morningstars dividendspecialist Josh Peters (foto) geeft tips voor het vinden van duurzame dividendaandelen. Hij was onlangs in Amsterdam waar hij sprak voor professionele beleggers en zich speciaal richtte op Europese dividendaandelen.

Transmissiemechanisme
Peters is een fervent aanhanger van dividendbeleggen en hij beheert voor Morningstar een portefeuille met dividendaandelen op basis van zijn beleggingsideeën. Hij vindt het uitkeren van dividend door een onderneming het voornaamste “transmissiemechanisme” van aandeelhouderswaarde. “Via dividend maken beleggers deel uit van de besteding van het kapitaal door een onderneming en het is dé beloning voor beleggers voor hun investering in het bedrijf”, stelt hij. Dividend geeft volgens hem aan beleggers de flexibiliteit om inkomen uit hun beleggingsportefeuille te halen zonder aandelen te verkopen of om het dividend te herbeleggen. En het dwingt een onderneming om de mogelijkheid en bereidheid te laten zien om haar aandeelhouders direct te belonen en voorkomt mogelijke dubieuze andere bestedingen van de winst.

Beleggers zijn met aandelen met een hoog dividendrendement goed af. Peters haalt onderzoek van Kenneth French aan dat laat zien dat aandelen met een hoog dividendrendement over een periode van 1945 tot 2014 een hoger rendement boeken dan het gemiddelde van de Amerikaanse aandelenmarkt en van aandelen die geen dividend uitbetalen.

Over een rentestijging maakt Peters zich geen zorgen. Hij erkent dat aandelen met een hoog dividendrendement in periodes van een stijgende rente een slecht relatief rendement laten zien. “Maar het absolute totaalrendement is sinds 1990 grotendeels positief, zelfs in periodes van rentestijging. Op de lange termijn vertoont het rendement van dividendaandelen in absolute of relatieve zin weinig gevoeligheid voor rentestanden.”

Groei of rendement
Dividendbeleggers kunnen kiezen voor dividendgroei of het hoogste dividendrendement. Dat laatste is aantrekkelijk, maar ook gevaarlijk. Het dividendrendement wordt berekend door het dividend te delen door de koers van het aandeel. Dat heeft tot gevolg, dat bij een koersdaling het dividendrendement stijgt. Een koersstijging heeft het omgekeerde effect en leidt tot daling van het dividendrendement.

Het dividendrendement zeg dus niet alles. Stel dat de koers van een aandeel zakt door tegenvallende bedrijfsresultaten, dan werkt het dividendrendement verblindend en onttrekt het zicht op de staat waarin de onderneming verkeert. Een - extreem - hoog dividendrendement van meer dan 8 procent is vaak niet vol te houden voor een onderneming. Peters waarschuwt er dan ook voor om de aandelen met het hoogste dividendrendement te vermijden vanwege hun slechte risico-rendementkarakteristieken.

Beter is het om te focussen op dividendgroei. Er zijn ondernemingen met een stabiele kasstroom die hun dividend jaarlijks laten toenemen. Er bestaan mooie lijstjes van zoals de Dividend Achievers (10 jaar of meer jaarlijks een hoger dividend), de Dividend Aristocrats (25 jaar of meer op rij een hoger dividend) en Europe Dividend Aristocrats (10 jaar of meer jaarlijks een hoger dividend).

Zelf doen of uitbesteden
Beleggers die voor dividend willen gaan hebben twee keuzes: ze kunnen de selectie van dividendaandelen uitbesteden aan een dividendfonds of ze selecteren zelf dividendaandelen. In een dividendfonds gaan beleggen is een aantrekkelijke optie voor de minder ervaren belegger. Een professionele dividendbelegger kiest hier de dividendaandelen. Maar dat neemt niet weg dat er geen huiswerk hoeft te worden gemaakt, want het ene dividendfonds is duidelijk het andere niet en beleggers kunnen uit meer en minder defensieve dividendfondsen kiezen. In de tabel onderaan dit artikel staan enkele aanbevelenswaardige beleggingsfondsen in Europese dividendaandelen zoals Kempen European High Dividend Fund en BlackRock European Equity Income.

Voor wie zelf aan de slag wil gaan: de ideale dividendaandelen zijn aandelen van ondernemingen met een groot concurrentievoordeel en een groot en groeiend dividendrendement. Bedrijven met een concurrentievoordeel genereren een duurzame en stabiele vrije kasstroom waaruit het dividend kan worden betaald.

Parameters die Peters gebruikt voor het selecteren van dividendaandelen zijn nauw verbonden met Morningstars analyse en waardering van ondernemingen en hun aandeel. Elementen uit die analyse en waardering zijn ‘moat rating’, ‘fair value’, ‘fair value uncertainty’ en ‘stewardship rating’. De ‘moat rating’ zegt iets over het concurrentievoordeel van een onderneming. Heeft het bedrijf een voorsprong op concurrenten die zijn winstgevendheid beschermt en zo ja, hoe groot is de voorsprong? Het oordeel dat de aandelenanalisten geven over het concurrentievoordeel is ‘none’, ‘narrow’, of ‘wide’. Peters selecteert alleen aandelen van ondernemingen met een kleine of ruimte voorsprong op concurrenten (‘narrow’ of ‘wide moat').

De ‘fair value’ of reële waardering is de waardering van een aandeel op basis van de toekomstige, geschatte vrije kasstroom van de onderneming. Deze waardering is de redelijke koers van het aandeel volgens de analisten van Morningstar. Peters wil aandelen waarvan de koers lager of gelijk is aan de fair value. Met andere woorden: die onder- of redelijk gewaardeerd zijn en waar hij dus niet teveel voor betaalt.

De aandelenanalisten kunnen meer en minder zeker zijn over hun schatting van de toekomstige kasstroom. Hun (on)zekerheid geven ze aan met de ‘fair value uncertainty’. Die kan variëren van ‘low’, ‘medium’, ‘high’ tot ‘very high’. Het spreekt voor zich dat Peters de voorkeur geeft aan bedrijven waarvan de kasstroom met zekerheid te voorspellen is en dus een ‘uncertainty rating’ ‘low’ of ‘medium’ krijgen.

De analisten van Morningstar kijken ook naar de cultuur en het beleid bij een onderneming: de stewardship rating. Denk hierbij aan de zeggenschap van aandeelhouders, de bestuursstructuur en of er in het verleden geldverkwistende overnames en investeringen zijn gedaan. Dit rentmeesterschap kan de waardering ‘poor’, ‘standard’ of ‘exemplary’ krijgen. Ook hier is het logisch dat Peters bedrijven met een kwalijke reputatie op dit terrein links laat liggen.

Het dividendrendement moet naar maatstaven van Peters 3 procent of meer zijn. Het mag ook lager zijn, maar dat is alleen gerechtvaardigd als er zicht is op een snelle dividendgroei. En het is volgens de dividendkenner belangrijk om te durven afwijken, vooral in termen van sectorblootstellingen. Diversificatie is ook in de dividendbeleggingsportefeuille belangrijk om langetermijnrisico te mitigeren. De marktkapitalisatie van de ondernemingen die Peters in zijn dividendportefeuille opneemt is tenminste USD 500 miljoen (EUR 450 miljoen).
Met bovenstaande theorie komt Peters tot 14 Europese dividendaandelen die in de tabel onderaan dit artikel staan, waaronder BHP Billiton, British American Tobacco, Nestlé en Philips.

Hoogste prioriteit
De zekerheid van het dividend moet voor dividendbeleggers de hoogste prioriteit hebben, aldus Peters. Het telt nog meer dan rentestanden en zelfs waarderingen. Alleen die bedrijven komen in aanmerking die een stabiel dividendbeleid voeren met liefst een jaarlijks stijgend dividend. Hoe nou te vermijden dat het dividend wordt verlaagd?

Peters: “Als belegger ben je afhankelijk van het management van een onderneming, dat besluit of en hoeveel dividend er wordt uitgekeerd. Maar als belegger zijn er wel een paar zaken waar je op kunt letten: heeft de onderneming een concurrentievoordeel die de winstgevendheid en vrije kasstroom beschermt, heeft de onderneming een gezonde balans, laat de payout ratio - het gedeelte van de winst dat als dividend wordt uitgekeerd - een goede balans zien tussen dividend en investeren, staat de payout ratio in verhouding tot de het cyclische karakter van een onderneming - een onderneming in een minder cyclische sector kan een hogere payout ratio handhaven dan een sterk cyclisch bedrijf waar de winst schommelt - en ofschoon geen garantie is een stijgende dividendgroei een goede indicatie voor een veilig dividend.


(Klik op tabel voor groter formaat)

 

(Klik op tabel voor groter formaat)


Verder lezen over dividendbeleggen
Signalen voor een mogelijke dividendverlaging

De zeven doodzonden van dividendbeleggen

Dividenddiversificatie is pure noodzaak


Dividend Aristocrats voor een onbegrensde dividendhistorie


Creëer je eigen dividendmachine


10 Niet te missen weetjes over dividendbeleggen

Denkt u alles te weten over beleggen? Klik hier om dat te bewijzen met de Morningstar Investing Mastermind Quiz.

Over de auteur

Maarten van der Pas

Maarten van der Pas  is Financial Markets Editor bij Morningstar Benelux